“De laatste steen”
Elke ochtend legde hij een steen. Precies zoals zijn vader hem had geleerd.
Rond, glad, gezegend met een gebed.
De tempel groeide langzaam.
Elke steen vertelde een verhaal.
Elke boog een droom.
Ze noemden hem de bouwer van goden.
Maar op een dag bleef de hemel stil.
Geen vogels. Geen zon.
En niemand kwam nog helpen.
De stad viel stil.
Hij legde de laatste steen.
Alleen.
Toen keek hij naar boven en fluisterde:
“Als wij verdwijnen, laat ons dan achter in steen.”
Eeuwen later vindt men de ruïnes.
De stenen zwijgen.
Maar ze herinneren zich alles.
Precies 100 woorden.